10/9/2026
Vergunning voor een LED-scherm: wat mag waar, en wat moet u aanvragen?
Van alle redenen waarom een LED-project vertraging oploopt, is er één die zich met een telefoontje van een halfuur had laten vermijden: de vergunning. Het scherm is gekozen, de pixel pitch is berekend, de content staat klaar — en dan blijkt dat de gemeente een openbaar onderzoek moet organiseren, of dat de wegbeheerder bezwaar maakt tegen bewegend beeld op die specifieke hoek.
Sinds 1 januari 2024 is dat gesprek een stuk voorspelbaarder geworden. Op die datum trad in Vlaanderen de Publiciteitsverordening van 12 mei 2023 in werking, die de oude lappendeken van koninklijke besluiten uit de jaren dertig en vijftig vervangt door één gewestelijk normenkader. Voor wie met digitale schermen werkt, staat er veel bruikbaars in — en een paar harde grenzen die u beter kent vóór u een ontwerp maakt.
Dit artikel zet de regels op een rij zoals ze in de praktijk uitpakken. Het is geen juridisch advies: de gemeente kan aanvullende voorschriften hebben en elke locatie is anders. Maar u weet na het lezen wel welke vragen u moet stellen.
Eerst dit: uw LED-scherm is vrijwel altijd vergunningsplichtig
Er bestaat een vrijstelling voor zaakgebonden publiciteit aan een vergund gebouw tot een totale oppervlakte van vier vierkante meter. Veel ondernemers hebben daarvan gehoord en concluderen dat een klein scherm dus zonder papierwerk kan.
Dat klopt niet. De vrijstelling geldt uitsluitend voor niet-lichtgevende publiciteitsinrichtingen. Een LED-scherm geeft licht — dat is het hele punt ervan. Ook een LCD-scherm achter glas met een backlight van 2.500 nits valt daar niet onder. Verlichte publiciteit is dus vergunningsplichtig, ongeacht of het om vier vierkante meter of veertig gaat.
Daar komt bij dat de constructie zelf vaak al een vergunning vraagt. Een gevelmontage, een vrijstaande zuil met fundering of een verankering in een beschermd pand zijn stedenbouwkundige handelingen op zich, los van wat er op het scherm staat.
De verordening is van toepassing zodra twee voorwaarden samen vervuld zijn: de boodschap is herkenbaar vanaf de openbare weg, en voor de plaatsing is een omgevingsvergunning of melding vereist. Een scherm dat op de eigen bezoekers gericht is — een menubord boven de toog, een videowall in de showroom — valt buiten deze regelgeving, ook als het toevallig door het raam te zien is. Wat telt, is waarop het scherm gericht is. Dat is precies de reden waarom etalageschermen een grijze zone lijken en het niet zijn: een scherm dat door de vitrine naar de straat gericht staat, is bedoeld om vanaf de openbare weg gelezen te worden, en valt er dus onder.
De vier technische regels die uw content bepalen
Hier zit de kern van de verordening, en hier gaan ontwerpen het vaakst de mist in. Voor schermen met wisselende of bewegende beelden geldt:
1. Minimaal zes seconden per beeld. Een publiciteitsboodschap moet minstens zes seconden in beeld blijven. Wie een lus van drie seconden per beeld had bedacht om er meer boodschappen in te krijgen, moet terug naar de tekentafel. Het goede nieuws: de acht tot tien seconden die wij vorige week als contentrichtlijn aanraadden, zitten er comfortabel boven. Wat leesbaar is, is hier meestal ook conform.
2. Geen overgangseffecten. Overgaan van het ene beeld naar het andere met speciale effecten is niet toegelaten. De wet noemt vervagen, slepen en in- of uitzoomen als voorbeelden — die opsomming is niet limitatief, dus ga niet op zoek naar een effect dat er net niet in staat. Een harde cut dus. Dat is een van de weinige plaatsen waar de regelgeving strenger is dan wat de meeste signage-software standaard aanbiedt — controleer uw playlist-instellingen, want fade-transitions staan in veel CMS’en gewoon aan.
3. Bij bewegend beeld beweegt maximaal een derde van het beeld. Dit is de bepaling die het vaakst wordt onderschat. Een volledig videofragment op een scherm langs de openbare weg is er geen: hoogstens een derde van het beeldvlak mag beweging bevatten. In de praktijk betekent dat een stil beeld met één bewegend element — een animerend logo, een wisselend cijfer, een korte loop in een kader — en niet een reclamespot van televisie die integraal wordt overgenomen.
4. Helderheid moet automatisch meeschalen. Bij vrij programmeerbare, inwendig verlichte publiciteitsinrichtingen moet de helderheid instelbaar zijn en zich automatisch aanpassen aan het omgevingslicht. Bovendien mag de weggebruiker niet verblind worden. Een scherm met een lichtsensor en een dimcurve is dus geen luxeoptie maar een vergunningsvoorwaarde. Wie wil weten hoe dat technisch werkt, leest onze uitleg over helderheid en nits — kort samengevat: het scherm dat ‘s middags 6.000 nits nodig heeft, moet ‘s nachts naar een paar honderd kunnen terugvallen.
Daarnaast geldt uit de milieuregelgeving (Vlarem II) dat lichtreclame de normale intensiteit van de openbare verlichting niet mag overtreffen, en dat de exploitant de nodige maatregelen neemt om lichthinder te voorkomen. Dat is de bepaling waarop klachten van buurtbewoners doorgaans worden gebaseerd. Een correct ingestelde nachtdimming lost dat in de meeste gevallen op — vóór de klacht, niet erna.
Waar bewegend beeld helemaal niet mag
Drie situaties waarin wisselende of bewegende boodschappen uitgesloten zijn:
- Herkenbaar vanaf een autosnelweg. Geen enkele beeldwissel.
- Binnen vijftig meter vóór een kruispunt met een andere weg, of vóór een oversteekplaats voor zwakke weggebruikers.
- Vóór en in een gevaarlijke bocht, gerekend vanaf de verkeerssignalisatie die daarvoor is aangebracht.
Let op hoe die vijftig meter gerekend wordt: het Agentschap Wegen en Verkeer gaat uit van een straal van vijftig meter rond het midden van het kruispunt of de oversteekplaats — dus in alle richtingen, en zowel ervoor als erna. Dat is een aanzienlijk grotere zone dan een looplijn van vijftig meter in de rijrichting. Dit is de bepaling die het vaakst een verder uitstekende locatie onbruikbaar maakt voor een dynamisch scherm. Meet het na op het terrein vóór u een offerte laat maken.
Knipperende of flitsende beelden zijn nog strikter geregeld: die kunnen alleen worden toegelaten waar de boodschap uitsluitend herkenbaar is vanaf wegen zonder of met beperkt gemotoriseerd verkeer — een winkelwandelstraat, een verkeersluwe straat — of waar gemotoriseerd verkeer tijdelijk verboden is, zoals tijdens een evenement, en dan enkel voor de duur van dat verbod.
Diezelfde uitzondering geldt overigens voor drie van de vier regels hierboven. In een echte voetgangerszone vallen de zesseconderegel, het effectverbod en de eenderderegel weg. De helderheidsvoorwaarde blijft wél altijd overeind: dat is een algemene voorwaarde waarop geen afwijking mogelijk is, net zoals het verbod om weggebruikers te verblinden. Dat verklaart waarom een scherm in een winkelwandelstraat er zoveel levendiger uit mag zien dan hetzelfde scherm tweehonderd meter verder aan een invalsweg.
Hoeveel scherm mag u hangen?
De verordening maakt een scherp onderscheid dat commercieel veel uitmaakt.
Zaakgebonden publiciteit — uw eigen naam, logo, activiteit of belangrijkste producten, op de locatie waar de zaak actief is:
- Aan de gevel, evenwijdig geplaatst en niet uitstekend buiten het gevelvlak of de kroonlijst: geen oppervlaktegrens in dit artikel, wel de algemene voorwaarden en de stedenbouwkundige voorschriften.
- Niet-evenwijdig, of uitstekend boven de kroonlijst: samen maximaal 10% van het geveloppervlak van de betrokken gevel.
- Op het dak: maximaal 2,5 meter boven de kroonlijst.
- Vrijstaand in de eerste vier meter vanaf de grens met de openbare weg: maximaal 4 m² per zaak en 10 m² per gebouwencomplex.
- Vrijstaand vanaf de vierde meter: maximaal 10 m² per zaak en 40 m² per gebouwencomplex.
Niet-zaakgebonden publiciteit — reclame voor derden, dus het model waarmee een scherm inkomsten genereert:
- Nooit herkenbaar vanaf een autosnelweg.
- Aan een gebouw: evenwijdig met een zijgevel als de boodschap herkenbaar is vanaf een gewestweg, evenwijdig met een gevel als dat niet zo is.
- Minimaal vijftig centimeter van de gevelranden, niet uitstekend, en niet vóór bestaande gevelopeningen.
- Maximaal 40 m² per gevel, en steeds in verhouding tot de omgeving.
- Vrijstaand: maximaal 2,5 m² per kadastraal perceel.
- De naam en contactgegevens van wie de inrichting plaatste, moeten erop vermeld staan.
Dat laatste rijtje is belangrijk voor iedereen die overweegt reclameruimte te verhuren: een vrijstaand niet-zaakgebonden scherm van 2,5 m² is een klein scherm. Wie groter wil, moet aan een gevel of via een afwijking. Let ook op de overgang: gaat u van een bestaand vergund zaakgebonden bord over naar reclame voor derden, dan valt die wijziging expliciet onder de verordening — ook als het bord blijft hangen waar het hing.
De procedure, in grote lijnen
De aanvraag verloopt via het Omgevingsloket, meestal bij de gemeente. Twee sporen:
- Vereenvoudigde procedure: geen openbaar onderzoek, beslissing binnen 60 dagen.
- Gewone procedure: met openbaar onderzoek, beslissing binnen 105 dagen, of 120 dagen als de omgevingsvergunningscommissie tussenkomt.
Voor een scherm langs een gewest- of gemeenteweg is het advies van de wegbeheerder in de praktijk het onderdeel dat de uitkomst bepaalt. Dat advies gaat over verkeersveiligheid: zichtbaarheid van signalisatie, afleiding, verblinding. Wie zijn dossier meteen met de juiste gegevens indient — helderheidswaarden, dimcurve, beeldduur, aandeel bewegend beeld, exacte afstand tot kruispunten — vermijdt de aanvullende vragenronde die weken kost.
Twee zaken die naast de verordening blijven gelden: de regelgeving over inname van het openbaar domein (staat het scherm of de constructie op openbaar terrein?) en de regelgeving over onroerend erfgoed. Bij een beschermd pand of in een beschermd stadsgezicht is een LED-installatie geen kwestie van afmetingen maar van een apart erfgoedadvies.
Verder: provinciale verordeningen mogen deze regels niet aanvullen, gemeentelijke wel. Een lokaal reclamereglement kan dus strenger zijn dan het gewestelijke kader — bij samenloop geldt de strengste bepaling — met extra eisen over materiaal, kleur of maximale afmetingen in een bepaalde straat. Gemeenten hadden tot 1 januari 2026 om hun bestaande reglementen in overeenstemming te brengen met de verordening, dus de kans is groot dat het reglement van uw gemeente recent herzien is. Vraag het op vóór het ontwerp.
Tot slot: installaties die vóór 2024 rechtsgeldig geplaatst zijn, mogen blijven staan. Vervangt u echter een oud scherm door een nieuw, dan is dat een nieuwe handeling en gelden de huidige regels.
En mobiele schermen?
Een veelgehoorde aanname is dat een LED-trailer buiten de regelgeving valt omdat hij verplaatsbaar is. De definitie in de verordening zegt iets anders: een publiciteitsinrichting is elk visueel middel en elke constructie ongeacht het verplaatsbare of tijdelijke karakter ervan, met als doel boodschappen op een vaste plaats kenbaar te maken aan het publiek.
Een trailer die drie weken op dezelfde parkeerstrook staat om reclame te maken, doet precies dat. Daarnaast heeft u voor de standplaats zelf vrijwel altijd een toelating van de gemeente nodig — inname openbaar domein, en bij evenementen de evenementenvergunning. In de praktijk regelt u dat via de gemeente waar het scherm komt te staan, en is het sneller geregeld dan een vaste installatie. Maar het regelt zich niet vanzelf.
Wat u hieruit meeneemt
Een LED-scherm waarmee u zich vanaf de openbare weg tot het publiek richt, is in Vlaanderen zo goed als altijd vergunningsplichtig: de vrijstelling van vier vierkante meter geldt enkel voor niet-lichtgevende borden. De vier bepalingen die uw ontwerp raken zijn zes seconden per beeld, geen overgangseffecten, maximaal een derde bewegend beeld en automatische helderheidsregeling. De drie plaatsen waar dynamisch beeld uitgesloten is, zijn de autosnelweg, de zone van vijftig meter rond een kruispunt of oversteekplaats, en de gevaarlijke bocht. En de gemeente kan daar bovenop nog eigen eisen stellen.
Dat lijkt veel, maar het is een korte checklist zodra u ze eenmaal kent — en veel goedkoper dan een geweigerde aanvraag of een scherm dat na een klacht in vermogen moet worden teruggeschroefd.
BETOLED denkt bij elk project mee over de vergunningskant: we leveren de technische gegevens die uw dossier nodig heeft, stellen de helderheidsregeling correct in en zorgen dat de speellijst in BETOWARE Cloud binnen de voorwaarden blijft. Werkt u in Nederland, dan gelden andere regels per gemeente — daarover meer op onze pagina voor Nederland. Neem contact op om uw locatie te laten aftoetsen vóór u een ontwerp laat maken.